woensdag 4 augustus 2010

04/08/10 - Clarahütte naar Essener Rostockerhütte

Na een zalige rustige nacht, opgestaan in een halve duisternis. Het leek alsof het weer nog niet verbeterd was. Maar toen we eens goed naar buiten keken, bleek gewoon de zon nog niet zo diep tot in het dal doorgedrongen te zijn, want een stralend blauwe lucht spande zich uit boven ons.
Goedgeluimd schoven we aan de ontbijttafel en vertrokken na een heerlijk ontbijt naar het dal. We hadden op voorhand drie routes uitgestippeld. Twee zouden over de berg gaan, maar zonder gids was dat niet te doen. En we hadden geen gids gevonden. Dus werd het route nummer drie, naar beneden naar het dal en dan terug naar boven in het volgende dal. De route naar beneden volgde opnieuw de Isel, en zou verder beneden over een aantal watervallen naar beneden tuimelen. Met dit schitterende weer zou dat beslist voor puike beeldjes zorgen.

We vertrokken en al meteen zagen we achter ons de machtige witte toppen afsteken tegen de helderblauwe hemel en de grasgroene bergnatuur. Het pad lag gemakkelijk en langs de oevers van de rivier zagen we nog heel wat zonnebadende marmotten. Die waren duidelijk ook blij dat het zonnetje weer van de partij was.

Even verder zagen we plots de rivier verdwijnen; we hadden de eerste waterval bereikt. De zon scheen er recht op, en dat leverde een fantastisch beeld op. De zonnestralen spatten letterlijk als een vonkenregen naar beneden. De kracht van het water maakte de waterval een witte wolk tussen duizenden tinten groen van de bomen, struiken en het mos.
Vanaf dan kwamen we de ene na de andere waterval tegen, de ene al indrukwekkender dan de andere. ook van de andere hellingen zagen we water omlaag komen, in sluiers, cascades of al kabbelend, maar overal waar we keken, zagen we wel water. En dat was heel impressionant.

Beneden kwamen we langsheen de Pebell Alm en de Islitzer Alm, waar ze het terras aan het stofzuigen waren. Snel een stempeltje halen voor in het grote hutten-stempel-boek en dan gauw terug zonnecreme smeren. We liepen terug vol in de zon en kwamen langs Ströden. Dat wordt hier een dorp genoemd, maar is eigenlijk een kerk, huis, stal en busstop. Dat was meteen ons scharnierpunt naar het volgende dal. We draaiden weg van de Isel en gingen terug omhoog langs de flanken van de volgende berg. Bergop ging het al meteen wat trager, want zo met de warmte van de zon op ons, brak het zweet ons uit en al snel liepen we te puffen en te hijgen om toch maar wat afkoeling te zoeken.
We passeerden de Stoanalm, en bij het passeren hoorden we de eigenaar accordeon spelen en zingen. Dat laatste ging niet zo goed. Vanaf dan ging het steeds maar de hoogte in, eerst tot aan de Ochnserhütte. Dat is maar een klein schuilhutje. In een bocht besloten we rond het middaguur toch al halt te houden ergens onder de bomen. Na de pauze stapten we de bocht om en nog even later zagen we dan de Ochnserhütte, met enkele prachtige plekjes om te eten en te rusten...

Het weer begon een beetje bewolkt te worden, en dat haalde de temperaturen wat naar beneden, waardoor we wat gemakkelijker konden wandelen. Een dik uur later kwamen we via een woeste rivier van smeltwater - rechtstreeks afkomstig van de gletsjers boven ons - bij de Essener Und Rostockerhütte. We kregen alweer een slaapzaal voor ons alleen, blijkbaar stonken we zo hard (da's best plausibel na een halve week wandelen) of zagen we er enorme snurkers uit of misschien wel als zeer onvriendelijke mensen, of vond niemand ons echt leuk. In elk geval beloofde dat dus wel een rustige nacht voor ons.
Helaas vernamen we ook dat de Sajat Scharte, die op de planning stond voor de volgende dag, niet te bewandelen was wegens steenslag. We hoorden ook dat het weer de volgende dag opnieuw zou omslaan, met zelfs onweersvoorspelling tegen de avond. We probeerden dan een plan B in elkaar te flansen voor de volgende dag, maar hadden slechts enkele opties : ofwel doorlopen naar de Eisseehütte, maar dan zouden we waarschijnlijk op grote hoogte overvallen worden door het onweer, ofwel naar de Johannishütte, die niet zo ver was, en vandaar afdalen naar het dal, maar dat was wel een heel saaie weg. We konden ook rechtstreeks naar beneden, langs dezelfde weg als we vandaag gekomen waren. We beslisten, dat als het weer 's morgens nog mooi was, we de oversteek naar de Johannishütte zouden maken, omdat dat nog een mooie wandeling is.
Later op de middag gingen we nog even naar de Simonysee, een meer dat aan de voet van de gletsjer ligt. Daar zagen we een hoop schapen, hoorden we de marmotten fluiten, maar zagen deze niet. Na een tijdje werd het toch te koud om daar te blijven zitten en keerden we terug naar de hut. 's Avonds aten we Hirten Macaroni. Heel lekker, met heel veel saus. Daarna kregen we nog het dessert van een Duitser die naast ons aan de tafel zat, en die zijn dessert niet meer opkreeg. We babbelden er nog even mee (enfin, Klaar babbelde en ik concentreerde me om er iets van te kunnen verstaan) want hij kwam van de andere kant, maar het kon niets veranderen aan onze plannen.

Wat later kropen we dan tussen de lakens, hoopvol voor de volgende dag.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten