zaterdag 26 juni 2010

26/06/10 - kleurtjes en geurtjes

In de open vlakte van Modrudalur was het lastig slapen. De tent hield het gelukkig, maar veel overschot hadden we toch niet. Bovendien was het rillen en klappertanden, want ondanks onze slaapzakken die tegen vorstelijke temperaturen kunnen, was het echt koud in de tent. Verschillende keren werden we wakker om toch maar een extra laagje kleren aan te doen, en zelfs onszelf helemaal in te graven in de slaapzak.

Gelukkig konden we 's morgens opstaan met een zonnetje, en een ietsiepietsie minder wind. 10 Beaufort of zo, in plaats van 11... Na het laten uitwaaien van onze tent (wat niet zo moeilijk was) zetten we op weg naar Krafla. Dat was niet zoveel verder. Dit vulkanisch heel actieve gebied vertoont enkele prachtige natuurverschijnselen. Eerst beklommen we de berg Leirhnjukur, waar oude zwavelputten te vinden zijn. De stank is bijna niet te harden, maar het kleurenspektakel doet de rotte-eieren-geur bij momenten echt vergeten. Ook het uitzicht op de omgeving, met de kolossale lavavelden is prachtig. Er tegenover, ligt het Viti-meer. Dat is een meer dat ontstaan is in een krater van een explosievulkaan. Er lag zelfs in die omgeving nog sneeuw! En dat terwijl het daar toch bijzonder warm is. De vulkanische activiteiten daar hadden er ook voor gezorgd dat er een geothermische energiecentrale gebouwd was, die blijkbaar een aantal aardschokken en uitbarstingen heeft overleefd zonder schade.
Beneden in het vlakke dal, ligt Hverir. Dit zijn hete modderpoelen en stoomgaten, waar ook een sterk geurtje hangt. En ook hier weer zijn de kleuren heel spektaculair. Bovendien is het grappig te zien hoe de toeristen steeds dichter bij een put gaan staan, waarin kokende modder pruttelt. Foto's van onverwachte explosies en de gevolgen ervan laten hen duidelijk koud. Merkwaardig genoeg, aangezien de modder tot boven kookpunt raakt. Vervolgens kwamen we aan in onze eindbestemming, Reykjahlid. We zagen een prachtige camping liggen, dus stuurden daarop af. Helaas bleek deze niet onze campingkaart te accepteren, dus zochten we verder naar de juiste site. We vonden deze op de rand van het dorp, totaal onbeschermd alweer. Gelukkig was er een heel stuk minder wind.

Eerst gingen we nog even langs de toeristische informatiedienst. We kochten er de obligate kaartjes en verstuurden deze naar huis. We probeerden ook geregeld te krijgen dat de dienst onze tickets voor de whale watching zou boeken, maar dat hadden ze duidelijk niet door. We hebben dit dan maar zelf gedaan...

We zetten onze tent recht, en reden daarna nog naar Grotagja, een grot die vol staat met heel aangenaam warm water. Baden wordt er sterk afgeraden wegens de slechte doorstroming, en dus besloten we dit maar over te slaan. Wat verderop langs het Myvatn-meer ligt Dimmuborgir. Dit is een fenomeen met allemaal huizenhoge lavazuilen, waartussen je mooie wandelingen kan maken. Het zicht op de omgeving is heel mooi, zeker op de grote vulkaan die ook kan beklommen worden, maar waar wij de fut niet meer voor hadden. We vonden ook de "kerk", een grote spelonk gevormd door ingestorte lava die zo een grot vormde.

Met zicht op het grote meer kookten we dan in alle rust, maar later op de avond moesten we toch weer gaan schuilen voor de opnieuw sterk opgekomen wind, die ons kon verkillen tot op het bot.

Rit: Modrudalur naar Reykjahlid

Geen opmerkingen:

Een reactie posten