donderdag 24 juni 2010

24/06/10 - It's a very long way

Na de regen van gisteren, was het vandaag al niet veel beter. We werden deze keer wakker met gedruppel op de tent. Afwachten in de eetzaal, maar gelukkig stopte het dan toch met regenen, alhoewel de bewolking niet optrok. Vandaag was een dag dat we heel veel kilometers moesten afleggen. We gingen helemaal naar het oosten van het eiland rijden, een rit van wel 400 km. Onderweg niet zo heel veel bijzonderheden te zien, maar de rit langs de fjorden beloofde toch wel wat. We vertrokken dus met de ruitenwissers aan, en gaandeweg verbeterde het weer niet echt. In Hof, een boerderij, stond een heel mooi gerestaureerd kerkje. Enkele keren zagen we de bewolking een beetje breken en kregen we uitzicht op de grote gletsjers. Deze gletsjer is bereikbaar. We sloegen af voor Fjallsarlon, een meer aan de voet van een gletsjertong, waarin grote - nee, enorme, zo groot als een lichte vrachtwagen - ijsblokken ronddreven. We probeerden door te steken naar een ander ijsmeer, maar de brug daarheen was kapot, enkel de pijlers stonden er nog. Dat betekende dat we helemaal terug naar de hoofdweg moesten. We reden dan maar door naar Jokulsarlon, het bekende ijsmeer. Dat was een heel stuk commerciëler uiteraard, aangezien dit nog veel gemakkelijker bereikbaar was. Een heel stuk voor het toeristen-mekka, zetten we ons even opzij, en beklommen een dijk. We hadden door een gat in die dijk, grote ijsschollen gezien. Van boven op de dijk hadden we een prachtig zicht op Jokulsarlon, zonder tussen de toeristen te moeten gaan staan. We stopten uiteraard ook nog eens aan het toeristenstation, waar we ook de ijsblokken tot in de zee konden volgen.

Het was opnieuw beginnen regenen, verderop langs de zuidoostelijke kust kwamen we doorheen een gigantisch lavaveld van een uitbarsting honderden jaren geleden, en kwamen langsheen een merkwaardig schouwspel : tientallen steenmannetjes. Dit zijn opgebouwde hoopjes, gemaakt van keien, die daar in overvloed aanwezig zijn.
Gelukkig was het een dag om veel afstand te rijden, zodat we niet teveel in de regen moesten uitstappen, maar dat verhinderde wel dat we ten volle konden genieten van de uitzichten in de fjorden. Nu was het een somber en dreigend spektakel, de ene fjord inrijden, en aan de andere kant weer uitrijden. Zo naderden we uiteindelijk Egilsstadir, waar we de afslag namen naar Seydisfjördur, het einddoel van onze rit vandaag. Daarvoor moesten we helemaal over de kam van de fjord naar boven rijden, en aan de andere kant opnieuw naar beneden. Deze kam is heel steil, de weg kronkelde naar boven in haarspeldbochten. Elke bocht zagen we de temperatuur zakken, tot een minimum van 2°! Sommige plekjes voelden al wat glad aan. En dan moesten we nog naar beneden! Een memorabele maar heikele rit bracht ons naar de top van de fjord, en langs enkele bruisende watervallen reden we naar beneden, naar Seydisfjördur. Bovenop de kam was het uiteraard bibberen, zowel van de stress op de weg, als van de kou.
Bij de rit naar beneden was het nog eens bibberen, maar deze keer van enthousiasme, want we hadden rendieren ontdekt op de flanken! Beneden in het dorp, waar ook de grote ferries van het Europese vasteland aankomen, was het echte heel rustig en aangenaam. Er was bijna geen wind, de wolken waren niet volledig over de fjord geraakt, dus de zon brak er door. We zetten de tent op op de camping in het midden van het dorp en wandelden dan naar de zwemkom. Daar was ook een hotpot, waar we onszelf weer helemaal ontspanden en op temperatuur brachten. We slenterden 's avonds nog door het dorpje, in de windstille fjord, met als enige geluid het gedruis van een waterval aan de rand van het dorp.

Rit : Svinafell naar Seydisfjördur

Geen opmerkingen:

Een reactie posten